• Sport Atelier

De basis: macronutriënten (Blog #21daysofsportatelier)


(content van Gian Philipsen www.colourfoods.nl) De voedingswaarde van voedingsmiddelen is afhankelijk van de soort, de hoeveelheid en de onderlinge verhouding van voedingsstoffen.

Je hebt micronutriënten, hier vallen onder alle vitaminen en mineralen en je hebt de energieleverende voedingsstoffen, de macronutriënten. Dit zijn koolhydraten, eiwitten en vetten. Bij de stofwisseling komt er bij deze macronutriënten energie vrij, die gemeten wordt in kilojoules of kilocalorieën.


Koolhydraten

Koolhydraten zijn echte energieleveranciers voor je lichaam. Ze komen voornamelijk uit graanproducten zoals brood, pasta, rijst, aardappelen en peulvruchten. Groente en fruit bevatten ook koolhydraten. Volkoren graanproducten leveren daarnaast vezels en deze zijn onder andere belangrijk voor een goede darmwerking en dempen het hongergevoel. Koolhydraten zijn niet alleen een energieleverancier, voor de hersenen en de rode bloedcellen heb je ook koolhydraten nodig. Een gezond voedingspatroon bestaat voor 40% tot 70% uit koolhydraten.


Eiwitten

Eiwit is een bouwstof voor je lichaam. Eiwitten bestaan uit aminozuren en dit zijn de eigenlijke bouwstenen voor je lichaam. Weefsels in het lichaam zijn opgebouwd uit cellen. Voor de aanmaak van nieuwe cellen is eiwit niet alleen nodig, maar onmisbaar. Eiwitten zitten in onze voeding, zowel in plantaardige als in dierlijke producten. Plantaardige producten: brood, granen, peulvruchten, soja, noten en paddenstoelen. Dierlijke producten: vlees, vis, gevogelte, melk, kaas en eieren. Gemiddeld hebben mensen 0,8 gram eiwit per kg lichaamsgewicht nodig. Eet je een gevarieerd Nederlands voedingspatroon, dan kom je hier meestal ruimschoots aan. En ja, ook de vegetariërs onder ons. Een sporter heeft wat meer eiwitten nodig. 1,2-1,8 gram per kg lichaamsgewicht.


Vetten

De term ‘voedingsvet’ wordt meestal gebruikt voor voedingsmiddelen die zichtbaar vet zijn, zoals boter, frituurvet en de vette delen van vlees. Maar onze voeding bevat ook veel onzichtbaar vet, zoals het vet in zuivelproducten, noten, gebak en snacks. Het lichaam gebruikt vet bijvoorbeeld als brandstof of slaat het op als vetweefsel. Er is een verschil tussen gezonde en ongezonde vetten. Dit verschil gaat over gezondheidseffecten in je lichaam, maar niet over het aantal kcal. Dat is namelijk gelijk. Gezonde vetten zijn onverzadigde vetten. Makkelijk te herkennen aan dat ze vloeibaar zijn bij kamertemperatuur. Ongezonde vetten zijn verzadigde vetten en deze zijn bij kamertemperatuur voornamelijk hard. Verzadigd vet zit vaak verborgen in voedingsmiddelen zoals volvette kaas, snacks, worst, koek, gebak etc. Een gezond voedingspatroon bestaat voor 20% tot 40% uit vet. Vet levert meer energie (lees kcal) dan koolhydraten en eiwitten.

1 gram vet = 9 kcal

1 gram koolhydraat = 4 kcal

1 gram eiwit = 4 kcal

47 keer bekeken0 reacties